Voorzetselbingo
Heb je wat tijd over voor een leuk en nuttig spelletje? Speel dan een potje voorzetselbingo!
- Nederlands, Duits, Engels, Frans, Spaans
- 4 vwo, 5 vwo
- Woordenschat
- 0–20 minuten
Leerdoelen
- Leerlingen kunnen het juiste voorzetsel in vaste uitdrukkingen gebruiken.
- Leerlingen worden zich bewust van het belang van het correct gebruiken van vaste voorzetselcombinaties.
Wat ga je doen?
De leerlingen noteren zelf vier (of meer!) voorzetsels. Dat is hun bingokaart. Daarna lees je als docent één voor één de vaste combinaties uit de hand-out voor totdat iemand ‘bingo!’ roept. Tip: hou goed bij welke combinaties je hebt voorgelezen zodat je op valse bingo kunt controleren.